Waarom je niet geweldig hoeft te kunnen schrijven om een succesvolle blogger te worden

Waarom je niet geweldig hoeft te kunnen schrijven om een succesvolle blogger te worden

Waarom je niet geweldig hoeft te kunnen schrijven om een succesvolle blogger te worden

Ik heb een grenzeloze bewondering voor schrijvers die in één zin een personage neerzetten. Of een heel verhaal vertellen in zes woorden.

‘For sale, baby shoes, never worn.’

Het is de kunst van het weglaten. Less is more.

Veel zeggen in weinig woorden maakt een tekst krachtig. Het leest ook makkelijker als een verhaal schijnbaar moeiteloos is opgetekend.
Geloof me: er zit veel werk in.

Die verhalen vloeien niet kort en krachtig uit een pen, ze worden kort en krachtig gemaakt. Daarin schuilt het grootste verschil tussen jou en professionele schrijvers: zij besteden meer tijd aan het redigeren van hun tekst. Jij denkt dat een goede schrijver iemand is die in één keer een geweldige tekst uit z’n mouw schudt.

Floep, en klaar.
Maar daar begint het pas.

 

‘Deze brief is nogal lang uitgevallen omdat ik geen tijd had hem korter te maken.’
– Blaise Pascal

 

Na ‘floep’ begint het werkelijke creëren, het vormgeven. ‘Floep’ is een grote brok steen van verzamelde gedachten. Je moet hakken en breken, schaven en slijpen, als een beeldhouwer. Als schrijver heb je één voordeel: als je iets te veel weghaalt, kun je het terugplakken. Dat is Rodin nooit gelukt.

Het schrijven is het makkelijkste stuk. Als jij een onderwerp kiest waar je veel van afweet, schrijft dat blog zich vanzelf. Daarna komt de teleurstelling.

 

‘The first draft of anything is shit.’ ― Ernest Hemingway

 

Je enthousiasme zal flink temperen als je het resultaat van je gepassioneerde getyp terugleest. ‘Mijn tekst is saai,’ zeg je dan. ‘Zie je wel, ik kan niet schrijven.’

Je kunt heus schrijven.
Je weet alleen niet hoe je moet redigeren.

Redigeren (het werkwoord van redactie) is meer dan de foutjes uit je tekst halen. Om je verhaal logisch, spannend en leesbaar te maken, moet je woorden en zinnen verbouwen, verplaatsen of zelfs helemaal schrappen.

Ik snij vaak hele alinea’s uit mijn blogs. Niet omdat ze niet goed zijn, maar omdat ze niets toevoegen aan het artikel. Ze vertragen het verhaal, of sturen de lezer de verkeerde kant op. Soms gebruik ik deze alinea’s in een ander blog, vaker verdwijnen ze onder de delete-knop. Kill your darlings, my dear.

 

‘I spent all morning putting in a comma and all afternoon taking it out.’ – Oscar Wilde

 

Schrappen. Verplaatsen. Herschrijven. Synoniemen zoeken. Punten, komma’s. In dit proces gaat veel meer tijd zitten dan in het uitschrijven van de grote lijn, de ruwe tekst.

In de afbeelding hieronder geef ik een indicatie van de tijd die in de voorbereiding, het schrijven en het redigeren van een blog zit. Zonder enige wetenschappelijke onderbouwing – ik verzin het ter plekke, op basis van meer dan 20 jaar ervaring met bloggen en (al dan niet professionele) bloggers en tekstschrijvers.

 


Broeden: het idee laten borrelen, je invalshoek kiezen en nadenken over de boodschap, de vorm en eventuele voorbeelden die je wilt gebruiken
Schrijven: het daadwerkelijke ‘leeglopen’
Redigeren: een logische lijn aanbrengen in je verhaal, leesbaarheid/SEO verbeteren, typ- en taalfouten eruit halen, boodschap duidelijker maken etc.

 

Waarom besteedt een professionele blogger verhoudingsgewijs zo weinig tijd aan het schrijven van een blog?

 

Dat een prof-blogger meer tijd kwijt is aan redigeren dan aan het schrijven van zijn blog, heeft drie redenen.

 

1. Hij heeft het blog door het voorwerk, het broeden, in zijn hoofd al geschreven

De boodschap, de invalshoek, de rode draad: alles is al bedacht. Je kent dat verschijnsel vast wel: je hebt een probleem waarvan je niet goed weet wat je ermee moet, slaapt er een nachtje over en als je wakker wordt, weet je wat de oplossing is. Dat broeden lijkt op niksnutterige procrastinatie, maar het hoort gewoon bij het creatieve proces.

 

2. Hij schrijft over iets waar hij veel vanaf weet

Als blogger moet je vertrouwen op je kennis – waar die tekort schiet, bluf je jezelf eruit met je enthousiasme. Blijf dichtbij jezelf en bij wat je weet, dat schrijft een stuk sneller en makkelijker.

 

3. Hij weet dat de echte winst valt te behalen met het goed redigeren van het stuk

Je kunt blijven schrijven aan je blog, maar uiteindelijk gaat het erom dat je een punt maakt. Dat je een kraakheldere boodschap hebt die mensen in beweging zet. Als jij in 400 woorden geen punt kunt maken, waarom zou je dat in 1200 woorden wel lukken?

Geef jezelf hooguit 30 minuten om een eerste versie te schrijven. Het bijschaven en opleuken met feiten en voorbeelden bewaar je voor de redactiefase.

 

Als je geen schrijftalent hebt, moet je gewoon goed worden in Jenga

Schrijven vraagt om durven, een artikel geschikt maken voor publicatie om redigeren. Je blog wordt écht beter als je het redigeren ziet als een potje Jenga: haal een blokje weg (een woord, een zin of een alinea) en kijk of die toren van je blijft staan. Weg met alle overbodige ballast. Less is more, weet je nog?

 

Eerste keren zijn bijzonder

Eerste keren zijn bijzonder

Eerste keren zijn bijzonder

Eerste keren zijn bijzonder.

De eerste keer in het badje.
De eerste geprakte banaan.
De eerste stapjes.

Ik fiets graag met mijn dochter. Ze zit pal voor me, in het zitje aan mijn stuur. We delen het uitzicht, fietsend langs de huizen, de tuinen en door het bos.
‘Kijk India, ganzen.’
‘Oi!’
‘Zie je dat hondje?’
‘Oi!’
‘Wat doet het hondje?’
‘Waf.’
Ik ruik aan haar haar en geef haar een zoen op haar hoofd. Ze zwaait naar iedereen die we tegenkomen. Als de zon en de wind lang genoeg haar huid hebben gestreeld, valt ze in slaap op de slaaprol.

‘Dag India!’
India zwaait uitbundig terug naar de vrouw met de bruine lammy. Ook het jongetje in het voorzitje zwaait en kraait naar India.
‘Wie is dat?’ vraag ik.
‘Dat is Milan, van de groep,’ antwoordt mijn inmiddels driejarige. Voor het eerst kent zij mensen die ik niet ken. Er zijn mensen die weten hoe zij heet en ik ken ze niet.

‘Zit je goed?’
‘Ja, mama.’
‘Goed je benen wijd houden, hè. Zet je voeten maar op die plankjes.’
‘Jaahaa.’
Ze is te groot voor het voorzitje. Voor haar voelt het als een upgrade naar businessclass, de eerste keer achterop.
‘Voorop zitten is voor baby’s, hè, mam?’
Ik mis haar geur, haar haren in mijn gezicht. Ze wordt zo groot, zo snel.

Dan voel ik twee armpjes om mijn middel en haar hoofd tegen mijn rug.

Eerste keren zijn bijzonder.

Wat is je punt?

Wat is je punt?

Wat is je punt?

Waarom nuanceren leidt tot gezwabber

 

Zwabberende blogs. Ik zie ze regelmatig voorbijkomen. Van die artikelen zonder duidelijk standpunt. Ja, maar… Nee, tenzij… Met elke mits en maar maak je je blog minder sterk.

Een voorbeeld van een zwabberend blog? Nou, zoiets:

“De klant is koning. Natuurlijk hoef je niet alles te doen wat de klant wil, maar je wil wel dat hij tevreden is. Dus doe je wat hij verwacht, ook al is dat meestal niet wat hij nodig heeft. Maar zonder klant heb je geen bedrijf en kun je geen geld verdienen dus zet je je klant centraal. Maar hij hoeft dus niet altijd koning te zijn.”

Dat is zwabberen. WAT IS JE PUNT? Is die klant nou koning of niet?

 

Maar in het leven is toch niks zwart-wit?

 

Klopt. Op elke regel is een uitzondering te bedenken. Tenzij je Johan Derksen heet en mensen van je verwachten dat je, heerlijk voorspelbaar, zwart-wit reageert.

Ik ben een typische weegschaal, ik weeg graag alle voors en tegens en mitsen en maren af. Ik ken als geen ander dat grote, grijze gebied rond elke keiharde stelling.

Ik kan weinig niks met de definitieve toon van woorden als nooit en altijd. Toch probeer ik op papier wat stelliger te klinken dan ik ben. Omdat lezers het fijn vinden als iets duidelijk is – het is lastig onderscheid maken tussen soms en regelmatig, of tussen erg en heel erg.

 

‘Maar’ is een gevaarlijk woord voor een blogger

 

Je kunt met ‘maar’ een krachtige stelling compleet onderuithalen. ‘Tenzij’, ‘mits’, ‘aan de andere kant’: het zijn signalen dat je van je pad afraakt. Soms is het prima even een zijpad te nemen – maar als je te lang op dat ventweggetje blijft, gaat je blog zwabberen. Je zwakt er je stelling mee af.

Bloggers doen dat vaak, hun standpunt nuanceren. Als ze hun mening zwart-op-wit op het scherm zien staan, schrikken ze van de stelligheid. Oei, dat klinkt wel heel hard.

Laat nou juist die stelligheid, die overtuiging waarmee je iets zegt, een boost geven aan je geloofwaardigheid en autoriteit.

Leiderschapscoach Nicole Offenberg, iemand die altijd goed kan nuanceren, schreef in mei 2019 een blog met de stelling ‘coachen is een vak’.

“Iets hebben meegemaakt maakt je tot een ervaringsdeskundige. Meer niet. Dat je weet hoe je een brood moet bakken, maakt je nog geen bakker. (…) Coach is een woord dat ik heel lang niet hardop durfde uit te spreken vanwege al die ongediplomeerde, onervaren, quick-win, stappenplan coaches die zichzelf loslaten op vragen van klanten.”

Haar blog raakte bij velen een gevoelige snaar: het artikel ging viral, werd talloze malen gedeeld en er werd veel op gereageerd. Door mensen die het wat ongenuanceerd vonden, maar vooral door collega-coaches die het ook zat zijn dat de halve wereld zomaar als coach aan de slag gaat.

Dat is de kracht van een stellig standpunt: jij schrijft op wat anderen alleen maar denken. Hoe dichter je bij die letterlijke gedachte zit, in al z’n ongenuanceerdheid, hoe sterker mensen zichzelf herkennen in jouw standpunt. Gedachten zijn namelijk helemaal niet genuanceerd. De nuance is een ‘sociaal filter’ dat we aanbrengen om aardig gevonden te worden, of omdat we vinden dat het zo hoort.

 

Als je iets wilt bereiken met je blog, kun je beter de nuance afzwakken dan de stelling

 

Je hoeft niet iedereen te pleasen. Jouw blogs zijn niet voor iedereen. Je mag best een beetje chargeren, een beetje uitdagen. Als je alles wat je zegt kapot nuanceert, krijg je mensen nooit in beweging. Dan wieg je ze in slaap. Dan vergeten ze je weer.

 

Welk ongenuanceerde punt wil je maken? Doe de Johan Derksen-test

 

Welk standpunt zit er in je hoofd? Hoe zou Johan Derksen het zeggen?

Of maak je idee concreet door één van deze zinnen af te maken:

  • Ik vind dat…
  • Ik ben het helemaal zat dat…
  • De wereld zou echt beter zijn als…

Wat is het sterkste argument waarmee je je stelling onderbouwt?

Nu heb je de fundering van je artikel. Daar mag je niet aan wrikken, anders stort de boel in.

Als je een artikel schrijft met als titel ‘De klant is geen koning’ dan is dat waar je blog over gaat, punt. En dat is dat de enige conclusie die je kan trekken na het lezen ervan. Mensen hoeven het er niet mee eens te zijn, maar ze moeten wel je redenering kunnen volgen.

 

Voel je de drang om te nuanceren?

 

Onderzoek dan eerst of dat die nuancering je blog sterker maakt of juist afzwakt. Misschien kun je over die nuance een apart blog schrijven?

De nuance is van ondergeschikt belang – die kun je eventueel nog aanbrengen in een gesprek met iemand die reageert. Want dat is wat er gebeurt met een blog waarin je een duidelijk standpunt verdedigt: er komen reacties. Mooi! Interactie! Zichtbaarheid! Dit zal menig BN’er die ooit in de Privé stond beamen: het maakt niet uit hoe ze over je lullen, ALS ze maar over je lullen.

En was het je daar niet om te doen met dat bloggen? 

Waarover zou jij een ‘bold blog’ willen schrijven?

Schrijf een blog waarvan jij denkt: ‘Oei, het is precies zoals ik erover denk, maar ik weet niet of ik ‘m durf te publiceren’ en stuur ‘m naar mij.

Strikt vertrouwelijk nemen we hem samen door. Durf je dat?

Waarom je saaie herinneringen toch moet opschrijven

Waarom je saaie herinneringen toch moet opschrijven

Waarom je saaie herinneringen toch moet opschrijven

‘U spreekt met Smitt.’
‘Dag opi, u spreekt ook met Smitt.’
‘Hé, dag Eva.’ Zijn stem klinkt zachter, warmer.
‘Wat ben je aan het doen?’
‘Ik was net een broodje aan het roosteren voor oma. Moet jij niet naar school?’
‘Ik was op school maar nu ben ik vrij. Op woensdagmiddag ben ik toch altijd vrij. Ik wou vragen of ik koekjes mag komen bakken met oma.’
‘Ik zal het even vragen.’ Ik hoor hem de hoorn van zich afhouden. ‘Evie! Kan Eva straks koekjes komen bakken?’
Op de achtergrond klinkt oma. ‘Wie is dat?’
‘Eva.’
‘Wie?’
‘EVA!’
Geruis. Dan klinkt de doorrookte stem van oma: ‘Dag Eva.’
‘Dag oma.’
‘Wou je langskomen? Moet je niet naar school?’
‘Ik ben vrij, oma. Woensdagmiddag. Dus wil ik graag koekjes met je bakken.’
‘Oh, dat is leuk. Volgens mij hebben we niets. Willem, hebben wij iets vanmiddag?’

 

Het verhaal houdt hier op.

 

Spannender wordt het namelijk niet.

Er is geen clue, geen spanningsboog, geen plot. Er komt niets meer wat dit verhaal interessant kan maken voor een lezer. Het is namelijk gewoon de saaie waarheid – zo verliepen de telefoongesprekken met mijn opa en oma. Opa nam op en oma griste ergens halverwege het gesprek de telefoon uit zijn handen.

 

Waarom schrijf ik het dan op?

 

Omdat ik dan de stem van mijn opa weer hoor. Hij is al 20 jaar dood, maar ik weet nog precies hoe hij klonk. Zijn stem vergeet ik nooit. Die van mijn oma ook niet, trouwens.

Mien Bakgraag aan de telefoonDoor herinneringen als deze op te schrijven beleef ik de scènes opnieuw. Ik hoor hun stem, zie de woonkamer, met de crèmekleurige, wollen vloerbedekking. De koperen plantenbak met vetplanten. De draaistoel van opa, de glaskunstverzameling van oma. De grijze PTT-telefoon met draaischijf en kronkelsnoer bij het raam, ingeklemd tussen de radiator en de lichtbruine leren bank.

De veertig jaar tussen dit beeld en vandaag zijn verdampt. Ik bén bij mijn grootouders, ik hoor ze, ik zie ze.

Schrijven brengt ze terug, al is het voor even.

 

 Soms is dat het enige wat ik wil. Gewoon weer even dat zorgeloze zevenjarige meisje zijn, in Uitgeest. Koekjes bakken met oma. Op de stang bij opa, fietsend naar de Spar voor een rolletje Mentos. Memory spelen aan de ronde eettafel met het witte formicablad. Slakjes vangen in de tuinvijver. 

Herinneringen. Door erover te schrijven beleef je ze opnieuw. Voor een ander zijn het saaie verhaaltjes, voor jou zijn het bijzondere momenten die je een warm gevoel geven.

 

Niet alles wat je schrijft hoeft gelezen te worden door een ander.

 

Sterker nog, je kunt beter altijd eerst voor jezelf schrijven en daarna pas besluiten of je het verhaal deelt met de wereld. Schrijven met een kritisch zeikwijf op je schouder dat de hele tijd zegt: ‘dit vinden mensen niet interessant’, ‘dit is niet goed genoeg’ of ‘dit gaat nergens over’ zorgt ervoor dat je alle plezier in schrijven verliest en niet meer zult ervaren hoe troostend en bevrijdend schrijven kan zijn.

 

Vanochtend dacht ik aan mijn opa en hoe hij altijd de telefoon opnam. ‘U spreekt met Smitt’ zei hij dan. Als kind vond ik dat gek, want ik heette ook Smitt. Als iedereen in de familie zo de telefoon opnam, wist je toch nog niet wie je aan de lijn had?

‘U spreekt met Smitt.’ Ik schreef het zinnetje op en het telefoongesprek ontvouwde zich op papier. Daar waar het verhaal hierboven stopt, is ook waar mijn behoefte om erover te schrijven ophield. Ik had mijn grootouders weer even gehoord, gevoeld zelfs. Het was goed zo. 

Dag lieve opa en oma.

Meestal schrijf ik dit soort herinneringen op in mijn Morning Pages-schrijfboek, alleen voor mezelf. Waarom ik er dan nu toch een blog van maak? Weet ik veel. Waarschijnlijk omdat ik hoop jou ermee te inspireren. Je te helpen om de waarde van je eigen herinneringen in te zien. Of je ze nu deelt met de wereld of lekker voor jezelf houdt. 

Welke herinnering zou jij nog wel eens willen herbeleven?

Schrijf je ze wel eens op? Ik hoor het graag van je hieronder in de comments.

De herinnering zelf mag je ook delen. Of niet, dat bepaal je lekker zelf.

Waarom je blog vol fouten moet zitten

Waarom je blog vol fouten moet zitten

Waarom je blog vol fouten moet zitten

‘Daar gaan we dus niet eten.’ George klikt IENS weg. ‘Vijf sterren en nergens in de reviews een puntje van kritiek. Kom, we gaan gewoon naar onze Indiër. Dan weten we tenminste wat we krijgen.’

We wantrouwen perfectie. If it seems too good to be true, it probably is. Perfectie maakt ongeloofwaardig. Daar is zelfs onderzoek naar gedaan – alleen reviews met beoordelingen tussen de 4,2 en 4,5 sterren hebben een positief effect op je omzet. Meer dan 4,5 sterren werkt averechts.

 

Waarom houden we niet van perfectie?

 

Het is niet echt. Het staat buiten de realiteit. Maar we kíjken er wel graag naar. Miljoenen mensen volgen de geregisseerde levens van Sylvie Meis en Kim Kardashian. Het Perfecte Plaatje.

 

Pool Fail Falling GIF - Find & Share on GIPHY

 

Totdat het misgaat. Want het gaat altijd een keer mis. Een scheiding, een schandaal, een foute tweet. Wat een opluchting: het zijn net echte mensen. Voor jouw blog geldt hetzelfde.

 

We willen niet lezen over die sojarommel met gefermenteerde quinoavlokken

 

Je weet wel, die jij elke ochtend eet na het mediteren. Wat gebeurde er toen jij stomdronken bij de FEBO een kroketje uit de muur trok? Dát willen we weten. Fijn dat je coachpraktijk zo goed loopt, maar waar betaalde je de rekeningen van toen je nog géén klanten had? Nu ben jij de go to-person als het gaat over personal branding, maar wat heb je moeten doen om die status te bereiken?

 

Dus als ik een interessant blog wil schrijven moet ik er ellende in stoppen?

 

Soms. Een beetje. Natuurlijk lezen mensen je blog om iets van je te leren. Maar ze willen je ook leren kennen. Hoe jij omgaat met tegenslagen zegt méér over jou dan de fles champagne die je opentrekt als je weer een klant binnenhaalt. We willen die struggle zien. Want al kijken we graag naar mooie plaatjes, we voelen meer bij imperfecties. Perfectie is saai. Daar zit geen verhaal in, daar is geen les uit te leren. Sprookjes beginnen er nooit mee: ‘En ze leefden nog lang en gelukkig’ is altijd het einde.

 

Bored Kim Kardashian GIF - Find & Share on GIPHY

 

Maar ik heb geen slechte jeugd gehad

 

Bummer. Slechte jeugden doen het altijd goed. Gelukkig hebben ook mensen met een HAVO-advies en een veterstrikdiploma, die tot hun 18e met beide ouders in een doorzonwoning hebben gewoond, uitdagingen gekend. Iedereen heeft momenten waarop de dingen even niet gaan zoals je wil.

 

Ik blog zakelijk. Wordt dat delen van persoonlijke details dan niet gênant?

 

Je hoeft niets te delen wat je niet wilt delen. Maar je moet wel durven laten zien dat niet alles bij jou altijd 100% is. Jij bent ook maar een mens, we nemen allemaal weleens een verkeerde beslissing. Gelukkig maar. Anders hebben we niks om van te leren. En niks om over te schrijven. Voel je toch het bloed naar je wangen schieten, als je over een pijnlijk leermoment schrijft? Kies er dan één die verder achter je ligt, zodat je er met enig relativeringsvermogen over kunt vertellen.

 

Kintsugi – de schoonheid van het imperfecte

 

Kintsugi is een 500 jaar oude Japanse methode om gebroken aardewerk te repareren met goudlijm. De breuk blijft zichtbaar en wordt onderdeel van de geschiedenis van het voorwerp. De lessen die je leert van je fouten zijn het gouden randje dat karakter geeft aan jouw leven.

 

Perfectie door inperfectie: kintsugi of kintsukuroi

 

 

 

 

 

Waar begin ik met persoonlijker worden in mijn blogs?

 

Wanneer maakte jij, zakelijk of privé, een verkeerde keuze? Waarom ging het mis? En welke les heb jij daarvan geleerd? Schrijf het op en leg het weg. Forceer verder niets – jij bepaalt wanneer je er klaar voor bent om het te delen.

Lees ook: Wat ik in de keuken leerde van mijn oma over het schrijven van teksten 

De do’s & don’ts voor het schrijven van een goede tekst

De do’s & don’ts voor het schrijven van een goede tekst

De do’s & don’ts voor het schrijven van een goede tekst

Dat zou je wel willen, hè.
Een mooi, strak lijstje van alle do’s & don’ts op schrijfgebied.

De do’s: als je tekst hieraan voldoet, heb je een goede tekst.
De don’ts: als je dit laat, heb je een goede tekst.
Voldoet je tekst aan beide lijstjes: je hebt een fantastische tekst. Perfect. Dikke tien.

 

Perfect Sigourney Weaver GIF - Find & Share on GIPHY

Helaas. Zo werkt het niet.

 

Of je tekst goed is, hangt van zoveel factoren af.

 

Je tekst kan foutloos zijn. Geen dt-fout te vinden en elke komma staat op de juiste plek. Maar is hij effectief? Reageren lezers zoals je zou willen? Zijn er überhaupt lezers? Blijk je ook iets aan SEO te moeten doen. En promotie. Tja. Die stonden nou toevallig niet in het ‘do’-lijstje.

En dan de don’ts: zinloos. Iemand zeggen wat hij niet moet doen is als vragen om niet aan een roze olifant te denken. Succes. Bovendien weet ik voor elke don’t wel een uitzondering te bedenken.

 

De don’ts van schrijven: ik geef je een paar uitgekauwde voorbeelden.

 

Gebruik geen jargon: hoezo niet? Als jij schrijft voor je collega’s help je ze juist je tekst sneller te begrijpen door jullie eigen taal te gebruiken.

Schrijf actief, gebruik geen lijdende vorm: soms is de lijdende vorm juist wel goed, om subtiel wat afstand te creëren. Het kan een mooi literair stijlmiddel zijn.

Gebruik geen clichés: dit hele artikel gaat over clichés. Do’s & don’ts is een cliché. Toch lees jij dit artikel. Dat was mijn doel, dat jij mijn artikel leest. Mission accomplished. Ik kan je als pleister op de wonde een enorme waslijst met do’s geven. Do’s zijn er genoeg.

 

Ik kan je volop (eenvoudige) tips geven waarmee je een prettig leesbare tekst schrijft.

 

Toch doe ik het niet. Niet hier, niet in één enorme lijst. Ik denk dat je daardoor ontmoedigd raakt in het schrijven en je artikel niet durft te publiceren. Want je ziet wel dat het niet aan alle punten voldoet, maar je weet  niet hoe je dat kunt veranderen. Het beste dat je kunt doen als je twijfelt aan je tekst: vraag hulp. Dat is de enige do waar je altijd iets aan hebt. Laat je tekst lezen door iemand die jij als ideale lezer beschouwt en luister naar het commentaar.

 

Big Bang Theory Help GIF - Find & Share on GIPHY

 

Ook ik doe dat, als professioneel tekstschrijver. Iedere schrijver heeft blinde vlekken. Je hebt iemand anders nodig om je erop te wijzen. Dat is dus de enige do-tip die ik je hier geef: zoek een tekstbuddy. Iemand die scherp en kritisch naar jouw teksten kijkt en je feedback geeft waar je echt iets mee kunt. Vergeet alle goedbedoelde do’s & don’ts-lijstjes en kijk wat het effect van je tekst is op een echt persoon. Je tekst is goed als het resultaat is zoals je had beoogd.

Oké, vooruit. Hier dan toch een checklist voor je blog. Je mag hem downloaden, maar alleen als je belooft:

• dat je je blog laat lezen door een echt mens,
• dat je hem publiceert én
• dat je nog meer schrijft. Want alleen door meer te schrijven word je een betere schrijver. Schrijven, durven, doen: jij kan dat.

Wat ik in de keuken leerde van mijn oma over het schrijven van teksten

Wat ik in de keuken leerde van mijn oma over het schrijven van teksten

Wat ik in de keuken leerde van mijn oma over het schrijven van teksten

Snel wat teksten schrijven. Even een blog posten.
Ik probeer dat regelmatig. Het moet in één keer goed. Huppetee, en klaar.

Soms lukt het. Meestal niet.
“Accepteer dat nou eens,” zeg ik tegen mijn ongeduldige zelf. Je kunt niet alles in één keer goed doen. Moet je ook niet willen.

 

Schrijven is een proces.

 

Een proces van ingeving, creativiteit, uitwerken, beoordelen en bijschaven. En tijd.
Tijd is een belangrijk element. Tijd in de vorm van geduld, van timing, en van rijping.

De keuken is een inspirerende plek voor een schrijver. Je kan er schrijven aan de keukentafel terwijl de geur van roomboter en laurierblaadjes herinneringen boven brengt. Bovendien struikel je er over de metaforen. Zeker wat tijd, timing en rijping betreft. Het deeg moet rijzen, de appeltaart moet bakken, het vlees moet rusten voor je het aansnijdt.

Op oudjaarsdag vond je vroeger mijn vader in de keuken en mijn moeder ver uit de buurt. Het was de enige dag in het jaar dat hij zijn garage verruilde voor de keuken. Hij deed een blauw keukenschort om en plakte het beduimelde briefje met oma’s oliebollenrecept op de afzuigkap. Er stonden flesjes bier op het aanrecht, er klonk Pink Floyd uit de boxen. Shine on you crazy diamond.

Gefascineerd keken mijn broertje en ik toe hoe hij met oliebollenbeslag bezig was in plaats van auto’s. Als de mixer het beslag in zijn gezicht spetterde, vloekte hij hemel en aarde bij elkaar. Maar het kwam altijd goed. Mijn vader zette de kom met de grijze substantie onder een natte theedoek op de verwarming en verdween weer naar zijn natuurlijke habitat, om een distributieriem of koppakking te vervangen. Langzaam rees het beslag tot een indrukwekkende hoeveelheid. Mijn vader was een tovenaar.

 

Tijd. Meer had het beslag niet nodig.

 

En een goed recept. Mijn oma’s oliebollen waren de beste. En haar natte cake. Ik heb heel wat woensdagmiddagen met oma Evia doorgebracht in de keuken. In haar cakes prikte ze gaatjes, met een dikke breinaald. Ze gaf me een knipoog en terwijl zij de cakegaatjes volgoot met Drambuie, oefende ik op mijn knipoog.

 

“Alles heeft tijd nodig. Je kunt gras niet sneller laten groeien door eraan te trekken.”

 

Oma’s natte cake was een begrip in de familie. Maar ik was acht en maakte liever koekjes. Ik vond het heerlijk om te spelen met vormpjes, eigeel en amandelschaafsel. Als de koekjes de oven in gingen, zette mijn oma de kookwekker. We speelden Memory in de woonkamer tot we teruggerinkeld werden naar de keuken. Oma tuurde door het ovenraam. Ik tuurde met haar mee. “Denk je dat ze klaar zijn, Eva?” vroeg ze dan. Ik had geen idee. Vanuit mijn ooghoeken keek ik naar oma. Als ze met haar trouwring tegen het ovenraam tikte, wist ik dat ze graag het deurtje wilde opentrekken. Dan zouden ze dus wel klaar zijn. Maar als ze met haar ogen naar de keukenwekker zocht, zei ik: “Nou, volgens mij moeten ze nog vijf minuutjes.” Zo leerde ik koekjes bakken. En later ook biefstukken. “Weg met die margarine,” zei mijn oma. “De oorlog is voorbij. Biefstukken bak je in roomboter. Peper en zout pas strooien na het keren. En na het bakken niet op een koud bord leggen. Daar schrikt zo’n koe van. Warm bord, stukje folie eroverheen. Laat ‘m even rusten, dat snijdt makkelijker en smaakt beter.”

Tijd. Het is in elk creatieproces een belangrijke factor. Niet alleen voor oliebollen, gemberkoekjes en biefstukken van de haas. Ook bij het schrijven. Ergens zet je een punt en ga je wat anders doen. Begin niet meteen met corrigeren, schrappen en herschrijven. Laat het rusten. Ga buiten wandelen. Bak een natte cake. Speel een potje Memory met een eigenwijs kind.

Laat de eerste versie van je blog een dagje liggen. Van de frisse blik waarmee je dan je tekst afmaakt, knapt hij op. Je mes gaat er makkelijker doorheen. En door de toevoegingen smaakt hij beter. Bon appetit.

Lees ook: Waarom je niet te veel tijd moet besteden aan het schrijven van je blog

Geen inspiratie? Hoezo? Heb je geen leven?

Geen inspiratie? Hoezo? Heb je geen leven?

Geen inspiratie? Hoezo? Heb je geen leven?

Al die ‘geslaagde ondernemers’ op Facebook en Instagram.
Ze ontbijten met zelfgemaakte granola, lunchen drie sterren-veganistisch en zitten om wine-thirty hun work hard, play hard-motto hoog te houden met een glas bubbels.

Dan jij. Krijgt met moeite je hoofd uit de slaapstand, ontmoet klanten onder TL-balken en kauwt op mentosjes om de automatenkoffiesmaak weg te krijgen. Straks weer de file in, boodschappen doen, koken, kinderen in bed krijgen, offerte maken voor een klant en de was opvouwen. Bloggen? Schrijven? Waarover?

 

En toch…

 

Toch zit jouw leven, privé en zakelijk, ook vol mooie plaatjes en interessante verhalen. Ook jij hebt luxe om je heen. Je moet het alleen leren zien.

 

Kijken, inzoomen, filtertje eroverheen en posten maar!

 

Wil je mij echt wijsmaken dat jij nooit iets moois ziet om je heen?
Mooie bloemen, de zon op je bureau, een perfecte cappuccino… sta eens stil en neem de tijd ergens van te genieten.
Maak er een foto van, zoals die Instagrammers ook doen.
Pochen zij nou echt over hun perfecte leventje, of leggen ze gewoon de genietmomenten vast?
Maakt het uit?

Probeer het gewoon zelf eens. Wedden dat jij elke dag minstens drie verhaaltjes of foto’s kunt maken van momenten waar je dankbaar voor kunt zijn? (Of maak foto’s van alles wat verkeerd gaat en lach erom.)

 

En er is meer om over te schrijven.

 

Jij zwemt de hele dag rond in je privézwembad gevuld met je eigen expertise en je hebt het zelf niet eens door.

Ga het zien, grijp het vast en pak het in als een cadeautje. Wees creatief. Je kunt overal een verhaal van maken. Jouw leven is een opeenstapeling van leermomenten. Deel ze!

Alles wat voor jou normaal is, vanzelfsprekend of saai, is een bron van inspiratie, bezinning of vermaak voor een ander. #cliche #aan Het gaat er niet om WAT je meemaakt maar HOE je ermee omgaat. #cliche #uit

Observeer jezelf en de wereld om je heen: jouw visie is uniek. Er is niemand die het leven ziet, zoals jij dat doet. Jouw alledaagse bezigheden zijn een bron van inspiratie voor je blog.

Je bent een reporter (“Observaties in de rij bij de supermarkt”), een leraar (“Zeven tips om aan het einde van de maand wat huishoudgeld over te houden”), een artiest (“Alle ballen hooghouden als alleenstaande moeder”) of een onderhandelaar (“Zo krijg je een bijdehante kleuter snel in bed”).

Jij bent een schrijver, een poëet, een verhalenverteller.

 

Jouw content is uniek, want jij bent uniek

 

11 contenttips waarvoor je niet verder hoeft te zoeken dan in je eigen leven:

Jouw leven is een prachtige inspiratiebron. Schrijf erover en maak er een blog, boek, gedicht of online programma van.
Bied informatie, educatie, inspiratie, inzicht en entertainment.
Er is al genoeg glamourous shit online: maak jij nou maar een statement over het échte leven. Jouw leven!

  1. Welke vragen krijg je vaak op feestjes? Waarvoor roepen klanten en vrienden jouw hulp in? Beantwoord die vragen, geef tips. Maak een checklist, of een handleiding. 
     
  2. Vertel over jouw klanten en welke problemen je voor ze oplost. Zes klanten? Dat zijn zes hoofdstukken van je boek! Zes blogs! Zes video’s! Verzin het maar. 
     
  3. Heb je een vage Tinderdate gehad? Wat zijn de overeenkomsten met een mislukt salesgesprek? Lijkt me een hilarisch artikel. 
     
  4. Heb je vroeger veel geblogd? Recycle oude artikelen. Wat is er veranderd en wat niet? 
     
  5. Heb je een bijzondere mailwisseling met een klant gehad? Bespreek hoe jullie daar beiden/samen een interessant blog van kunnen maken. 
     
  6. Welke ervaringen uit je leven hebben je gevormd als mens en als ondernemer? 
     
  7. Hoe ziet jouw dag eruit? Wedden dat je zelf niet eens weet wat je allemaal doet op een dag? Hou het eens een week bij. Schrijf alles op. Ja, ook dat je de planten water geeft terwijl je aan de telefoon zit met een klant, of dat je onderweg in de auto een nieuwe workshop hebt bedacht. Word je bewust van al je handelingen en bedenk waar ze aan bijdragen. Wellicht een artikel schrijven over productiviteit of timemanagement? 
     
  8. Wat heb je geleerd vandaag? Welke tip kun je iemand anders geven? 
     
  9. Waar wil je heen met je bedrijf? Wat doe je nu allemaal dat bijdraagt aan jouw toekomstbeeld?
     
  10. Wat wil je anders zien in je leven en hoe kun je een eerste stap in die richting nemen? Schrijf erover; maak een stappenplan of actieplan. Je zult verbaasd zijn hoezeer jijzelf en anderen daarbij gebaat zijn. 
     
  11. Wie zegt dat jij overal het antwoord op moet hebben? Vraag om tips van lezers, laat je door hen inspireren.

 

Het leven is niet alleen maar rozengeur en maneschijn.

 

Scheidingen, financiële uitdagingen, kinderen opvoeden, grenzenzoekende peuters en pubers, inbraken en lekke banden: het zijn gebeurtenissen die niet passen bij groots en meeslepend leven, maar ze vormen wel het leven van alledag.
Zie ze als verhalen. Bewijzen van ervaring.
Jij hebt het overleefd, jij bent er weer/nog.

Natuurlijk zijn niet al die verhalen bruikbaar voor je zakelijke site, maar meer dan je denkt. Zeker als je focust op hoe je met alle uitdagingen in jouw leven omgaat. Want zo ben je in je werk waarschijnlijk ook.

 

Een ondernemer is ook maar een mens.

 

Dat levert niet elke dag een picture perfect Instagramplaatje op. Juist die plaatjes en verhalen vallen op in een tijdlijn, tussen al die gebruinde voeten in Dior-slippers met fris gelakte teennagels en glutenvrije paleoproof cocktails op een dakterras.

Wees jij nu maar gewoon jij, want dat is precies wat de wereld nu nodig heeft.

 

Wist je dat je ook kunt bloggen zonder (veel) te schrijven?
Lees hier mijn acht tips >>>

Het schrijven van je blog: waarom je er vooral niet te veel tijd aan moet besteden

Het schrijven van je blog: waarom je er vooral niet te veel tijd aan moet besteden

Het schrijven van je blog: waarom je er vooral niet te veel tijd aan moet besteden

Het schrijven van je blog kost je waarschijnlijk te veel tijd. Dat ga je vanaf nu anders doen.
Waarom? Hoe? Dat leg ik je uit aan de hand van de wet van Parkinson. (Nee, die heeft niets met trillen te maken.)
Het gaat je opluchten. En tijd schelen.

Schrijver Cyril Northcote Parkinson plaatste in november 1955 een stukje in The Economist. Het was een satire op de bureaucratie van de overheid:

 

“It is a commonplace observation that work expands so as to fill the time available for its completion. Thus, an elderly lady of leisure can spend the entire day in writing and dispatching a postcard to her niece at Bognor Regis.

 

An hour will be spent in finding the postcard, another in hunting for spectacles, half-an-hour in a search for the address, an hour and a quarter in composition, and twenty minutes in deciding whether or not to take an umbrella when going to the pillar-box in the next street.

 

The total effort which would occupy a busy man for three minutes.”

 

Kortom, hoe meer tijd je krijgt, hoe langer je taak duurt.

In 1958 publiceerde Parkinson een boek over dit fenomeen: Parkinson’s Law. De wet van Parkinson stelt dat het werk uitdijt naar de beschikbare tijd. Heb je drie uur de tijd voor het schrijven van je blog? Dan zul je er ook drie uur over doen. Heb je maar een half uur? Dan schrijf je dat artikel in een half uur.

 

Als tekstschrijver ervaar ik regelmatig dat een deadline de beste inspiratie is.

 

Deze wetmatigheid geldt trouwens ook voor het schoonmaken van mijn woonkamer (ik krijg meer gedaan in de vijf minuten voordat een vriendin op visite komt dan in de hele week ervoor), en voor de inhoud van mijn handtas of de huizen die ik koop – ze worden steeds groter en zijn snel weer te klein. Tijd, ruimte: het is allemaal relatief. We hebben nooit genoeg.

 

Dus waar vind je tijd om te bloggen en hoe zorg je ervoor dat je zo snel mogelijk klaar bent? Drie tips:

Tip 1

Weet van tevoren waarover je wil bloggen. Zorg dat je je onderwerp scherp hebt en dat je al weet wat de grote lijn in je verhaal is. Anders wordt het een zware bevalling, dat schrijven. Je blog schrijven lijkt dan meer op een afspraak bij de tandarts. Maak het makkelijk voor jezelf. Focus op het eindresultaat: er komt een goed artikel, over een onderwerp waar je veel van weet, waar je veel leuke reacties op krijgt.

Tip 2

Maak tijd voor schrijven. Tijd maken is niet heel ingewikkeld. Kijk één aflevering van Modern Family minder op Netflix (prompt heb je 25 minuten tot je beschikking), delete Candy Crush van je telefoon of sta gewoon een kwartier eerder op. Bespaar me je smoezen. Doe het gewoon.

Tip 3

Bij tip drie maken we gebruik van Parkinson’s Law: maak tijd, maar niet te veel.
Als jij drie uur inplant om aan je blog te schrijven is je halve dag weg. Zonde. Een uur is meer dan genoeg. (Of probeer eerst een half uur. Als je het maar doet.) Dankzij de wet van Parkinson zul je in dat uur bijna net zo veel werk verzetten als in drie uur.

 

Hoe minder tijd je hebt voor een taak, hoe meer je je zult inspannen voor die taak. Je hebt geen keuze, er is geen tijd te verliezen, je moet aan de slag! Een deadline helpt je prioriteiten te stellen en focus te houden bij het schrijven van je blog.

 

Hak de taak in stukken en verdeel deze minitaken over meerdere dagen. Het is beter om vier dagen 30 à 60 minuten aan je blog te werken, dan op één dag vier uur.

Ik geef je een voorbeeld voor een planning:

Op dag 1 bepaal je het onderwerp en schrijf je jezelf leeg over het onderwerp.
Op dag 2 ga je schrappen, doe je wat research en voeg je informatie toe waar nodig.
Op dag 3 redigeer en corrigeer je je verhaal.
Op dag 4 kijk je naar lay-out en kopjes, zoek je er een foto bij en publiceer je je artikel (én deel je de link naar je blog via je socialmediakanalen.)

 

Wil je elke week een blog schrijven?
Klik dan hier en download mijn gratis blogplanning.

 

Een blogblok is dus niet groter dan een uur, bij voorkeur zelfs een half uur. Een beetje geoefend schrijver heeft dan aan vier blokken (twee à vier uur) genoeg. Gun jezelf de tijd om er handiger in te worden.

 

Geef jezelf altijd een deadline voor het schrijven van je blog.

 

Dit artikel begon ik te schrijven (dankzij een vlaag van inspiratie, en daar maak ik graag direct gebruik van) op maandag 29 mei om 14.38 uur. Ik gaf mezelf tot 15.38 uur. Aan de slag! Jezelf weinig tijd gunnen voor het schrijven van je blog zorgt er ook voor dat je artikel simpel blijft, duidelijk. Hoe meer tijd je hebt, hoe ingewikkelder je het gaat maken.

 

Keep It Simple.

 

Je weet genoeg – schrijf over dat waar je zeker van bent, waar je enthousiast over bent: daar zit jouw zelfvertrouwen, jouw expertise. Dat maakt schrijven leuk. Ga niet verder wroeten in een onderwerp dan nodig.

 

Er is altijd iemand slimmer dan jij.

 

En dat is geeft niks. Je moet er toch niet aan denken dat je uitgeleerd bent? Jouw lezers lezen jouw artikelen omdat ze jou zo goed kunnen volgen. Wat jij simpel vindt, vinden zij (nog) best moeilijk. Daarom lezen ze jouw artikelen. Zij willen iets leren. Jij maakt zaken simpel voor ze.

 

Vaker schrijven en meer publiceren (kwantiteit) zorgt ervoor dat je sneller een betere schrijver wordt (kwaliteit).

 

Als we onzeker worden over wat we schrijven, gaan we het vaak onnodig ingewikkeld maken. Zoeken we er ingewikkelde grafieken bij. En nietszeggende cijfers. Lekker interessant.

Dingen simpel houden betekent niet dat jij simpel bent. De kunst van duidelijk schrijven zit meestal in durven kiezen voor eenvoud. Je moet keuzes maken over je inhoud. Wat is echt belangrijk? Schrap de rest. Kill your darlings

 

Moet je altijd zo weinig tijd inplannen voor het schrijven van een blog?

 

Natuurlijk niet. Als je zin hebt kun je er heerlijk een dag voor gaan zitten. Een hele dag voor jezelf, met jezelf. En je notitieboek of laptop. Schrijven aan je blogs, wat mijmeren tussendoor, ideeën uitwerken voor je bedrijf: een beetje slow-cooking op z’n tijd is fijn. Maar soms moet je gas geven. Artikelen publiceren, je blog in beweging houden. Doelen halen, zonder veel moeite. Een blog van 300 woorden is een prima doel.

 

Beloon jezelf als je het doel haalt.

 

Dat maakt schrijven leuker. Stel jezelf een reep chocolade of een saunadagje in het vooruitzicht. Wedden dat je er dan wel tijd voor maakt?

Wist je dat je ook kunt bloggen zonder (veel) te schrijven? Lees hier mijn zeven tips >>>

Inspiratie voor een blog, waar vind ik dat?

Inspiratie voor een blog, waar vind ik dat?

Inspiratie voor een blog, waar vind ik dat?

Waar vind je inspiratie voor je blog?

Om maar met de deur in huis te vallen: inspiratie voor een blog zit in jezelf. Het enige dat je nodig hebt om het te activeren is een vonkje van buitenaf. Een externe trigger. Dat kan van alles zijn. Een spontane inval, een opmerking van iemand, een passage in een boek, een video, een artikel in de krant, een blog van iemand anders.

 

Inspiratie door te lezen.

 

Als je meer of beter wilt schrijven begin je met meer lezen. Lees kranten en tijdschriften. Lees de achterkant van een pak hagelslag. De ingrediënten van een pot augurken (schrik niet). Blogs. Het plaatselijke sufferdje. Romans. Zelfhulpboeken. Chicklets.

Lezen leert je over structuur, spanningsbogen en opbouw. Lezen vergroot je woordenschat. En, bovenal, lezen inspireert. Het prikkelt je fantasie.

Ik lees graag de blogs van Mark Schaefer. En artikelen op Marketingfacts. De posts van Nicky Koopmans vind ik interessant. En die van Kitty Kilian. Het maakt niet uit wat je leest, als het maar iets is dat je oprecht interesseert. Lees geen blogs omdat iedereen die leest; die invalshoeken kent iedereen dus al. Lees wat je interesseert, waar je plezier aan beleeft. Anders kun je ook niet schrijven met plezier.

 

Inspiratie door video’s te kijken.

 

Geen zin om te lezen? Kijk een video! Dat is ook een goede bron van informatie en inspiratie. Wees nieuwsgierig, er is altijd iets nieuws te leren. Of iets om even om te lachen. Een traantje bij weg te pinken. Soms inspireert een blog, een video, een gedachte, een opmerking je tot schrijven. Soms ook niet. Maar blijf jezelf prikkelen. Blijf jezelf ontwikkelen.

 

Inspiratie door (online) een cursus te volgen.

 

Dat kan iets heel praktisch zijn, zoals een videotutorial over hoe je in WordPress een blog maakt. Of kies voor een (gratis) cursus van een topuniversiteit als Yale of Oxford. Ben je binnenhuisarchitect? Wat dacht je van een lezing over Romeinse architectuur: Lifestyles of the Rich and Famous: Houses and Villas at Pompeii? Ben je healthcoach of foodblogger? Volg een cursus over Child Nutrition and Cooking aan Stanford University. Gratis. Online. Via de site openculture.com vind je talloze gratis audio- en videocursussen van beroemde universiteiten over de hele wereld. Bekijk video’s of download een mp3. Kun je al joggend je Frans bijspijkeren of iets leren over de filosofie van Nietschze.

 

“Progress equals happiness.”

 

– Tony Robbins

 

Blader eens door oude teksten van jezelf.

 

Zoals ik al zei, inspiratie komt uit jezelf. De inspiratie voor dit artikel kwam uit een e-mailnieuwsbrief die ik in 2012 naar mijn klanten mailde. Kwam ik toevallig tegen. Dat artikel telde maar 50 woorden. Het was niet meer dan een tip over de hierboven genoemde website Open Culture. Nu schrijf ik er dus met gemak een nieuwe blog over van 449 woorden. Hatsiekadee.

Laatst vond ik een oud notitieboekje. Een acht jaar oude aantekening inspireerde mij tot het schrijven van dit artikel: Bedrijven en social media: wat is er veranderd sinds 2008? Zo makkelijk kan het zijn. Inspiratie is niet iets dat je hoeft te zoeken. Je hoeft je er alleen maar open voor te stellen.

Kijk om je heen, kijk naar jezelf. Blijf nieuwsgierig. En schrijf. Blijf schrijven.

Acht tips om te bloggen zonder te schrijven

Acht tips om te bloggen zonder te schrijven

Acht tips om te bloggen zonder te schrijven

Ik kan niet schrijven, krijg ik vaak te horen van ondernemers die bij me aankloppen voor teksten of een schrijftraining.
Gelukkig valt dat meestal wel mee, dat niet kunnen schrijven. Maar die overtuiging is een lastige. Eentje die veel ondernemers ervan weerhoudt te bloggen en echt zichtbaar te worden online.

Er zijn veel ondernemers die succesvol willen zijn met contentmarketing, maar geen ‘bibliotheek’ hebben voor hun artikelen. Ze produceren aan de lopende band posts op facebook, tweeten erop los en leggen elke stap die ze zetten vast op Instagram. Maar een blog bouwen, ho maar.

Jammer, want de vluchtigheid van een socialmediapost heeft niet de eeuwigheidswaarde die een artikel op je website wel heeft.

 

Je blog is de fundering onder je online succes.

 

Het is je podium, je basis. Het is waarmee je kunt laten zien wie je bent. Waar je voor staat. Waarom je doet wat je doet. Hoe meer je publiceert, hoe steviger dat podium.

Maar goed, jij denkt dus dat je niet kunt schrijven. Dus heb je geen blog.
Wel een prachtige website, maar geen blog. Tja. Daar zit toch een beetje het probleem. Want mensen delen geen websites, ze delen content. Kijk maar in je eigen tijdlijn op Facebook. Of op twitter, of LinkedIn. Mooie foto’s, leuke video’s en interessante artikelen worden geliket en gedeeld. Artikelen, foto’s en video’s: mensen delen zelden een complete website.

Een goed artikel wordt gedeeld. Zet dus waardevolle content op je website. Geef tips, maak handige checklists voor je klanten, schrijf over wat je meemaakt. En weet je hoe we zo’n post noemen? Een blog. Meer is het niet. Zelfs als je niet graag schrijft, kun je een blog maken.

 

Hoe kun je bloggen zonder artikelen te hoeven schrijven?

 

Je hoeft geen begenadigd schrijver te zijn om te bloggen. Als jij enthousiast over je werk kunt vertellen (en dat kun jij ongetwijfeld, anders had je wel een ander vak gekozen), dan kun je het ook opschrijven. Gewoon letterlijk opschrijven wat je vertelt. Neem het op, desnoods. Een beetje mobiele telefoon heeft een dicteerfunctie. En anders download je een app die dat kan. Schrijf je (ingesproken) verhaal in je eigen woorden op. Gewoon zoals je het vertelt, in spreektaal. Er is niets mis met schrijven in spreektaal. Spreektaal leest lekker weg – de uh’tjes en de hahaha’tjes laat je eruit. En je zet wat vaker een punt waar je als je spreekt doordendert.

Perfectie is uitermate onbelangrijk – niemand verwacht van een kapper, een aannemer of een bedrijfsleider dat hij prachtige volzinnen schrijft. Je enthousiasme, je bezieling, je passie, hoe je het ook noemen wilt: dát is wat mensen willen meekrijgen. Eigenlijk is schrijven meer een kwestie van durven dan van kunnen.

Probeer toch zo nu en dan een stukje te schrijven. Over iets dat je meemaakt. Een probleem dat jij hebt opgelost. 300 woorden, prima. Blog minstens eens per twee weken. Of beter nog: elke week. Dat betekent niet dat je vier of vijf keer per maand een enorm artikel van 1200 woorden moet schrijven.

 

Met de volgende acht tips kun jij makkelijk je blog vullen. Zonder dat het je veel tijd en schrijfwerk kost.

Tip 1 - Bloggen met een foto

Met welk project ben je bezig? Wat heb je vandaag geleerd? Wie heb je vandaag geholpen? Het zijn onderwerpen waarover we op LinkedIn continu kort berichten. Maar wat als je die posts wat verder uitwerkt, net iets meer vertelt, en ze dan op je blog zet? Maak een foto, een momentopname. Plaats die met een uitgebreid bijschrift op je website. Zou zo maar kunnen dat dat bijschrift zo lang wordt dat het toch op een ‘echte’ blogpost lijkt. Dat is dan mooi meegenomen. Maar de intentie is om een foto te plaatsen van wat jou bezighoudt, met een toelichting. Die foto kun je ook op Instagram zetten. Of op Facebook. Daarbij verwijs je naar je blog.

 

Tip 2 - Bloggen over een artikel dat jou aanspreekt

Ik raad je aan meer te lezen. Van lezen ga je (makkelijker) schrijven. Lezen inspireert. Lees blogs van anderen, zowel om je eigen kennis op peil te houden als om je klanten te inspireren. Artikelen van anderen kun je bespreken op je site. Schrijf erbij waarom je het artikel interessant vindt. Zo kun je laten zien waar jij voor staat aan de hand van content van iemand anders. ‘Curated content’ noemen we dat. Je hoeft het zelf niet te schrijven, maar je kunt wel de inhoud ervan onderschrijven. Of juist uitleggen waarom je het er niet mee eens bent.

Tip 3 - Bloggen over een quote

Inspirerende citaten, grappige uitspraken: het internet hangt er vol mee. In je omgeving hoor je vast ook weleens rake opmerkingen. Van je klanten, je partner, je kinderen of van een wildvreemde in de trein.

Kies quotes die jou persoonlijk aanspreken en deel ze op je site. Het liefst met een kleine anekdote erbij over wat de quote voor jou betekent. Let er wel op dat je geen plagiaat pleegt met je citaten. Ik schreef er een blog over: Citeren: wanneer is een quote een citaat en wanneer is een citaat jatwerk?

 

Tip 4 - Bloggen over tips, tricks en FAQ’s

Welke vragen krijg je vaak? Je blog is de perfecte plek om daar eens uitgebreid antwoord op te geven. Of geef je lezers tips. Je weet meer dan je denkt. Vaak is wat voor jou vanzelfsprekend is, voor een ander een waardevolle tip of een echte eye-opener.

Tip 5 - Bloggen over een video (of vlog zelf)

Niets zo populair als video. Mensen kijken online graag filmpjes. Die kun je natuurlijk zelf maken (of doe een Facebook Live video). Een interessant of grappig filmpje delen van Youtube of Vimeo is ook goed. Ook dit valt onder de noemer ‘curated content’. Waardevolle content verdient het gedeeld te worden. Schrijf er altijd bij waarom je dit specifieke filmpje deelt.

Tip 6 - Bloggen over (of geïnspireerd door) een podcast

De podcast is weer helemaal hip, hot en happening! Mensen vinden het heerlijk om te luisteren naar goede tips, interviews en updates uit hun branche. Je kunt erover bloggen. Je kunt ook zelf een opname maken. Zullen we het ploggen noemen?

Tip 7 - Bloggen in de vorm van een infographic

Eén plaatje zegt vaak meer dan duizend woorden. Het succes van infographics zit ‘m in het visualiseren van cijfers en verbanden waar je schrijvend een hele klus aan zou hebben. Kijk eens rond op Pinterest, daar vind je veel infographics. Zelf een goede infographic maken vergt wat designkunsten, maar met websites als Piktochart, Infogr.am of Easel.ly kom je een heel eind.

 

Licht altijd jouw keuze voor andermans content toe. Zeker bij beeldmateriaal is het belangrijk dat je er tekst aan toevoegt. Google is blind en doof en heeft geen idee wat er in een video of plaatje gebeurt. Gebruik in je bijschrift concrete woorden (zoektermen) die interessant zijn voor de mensen voor wie je de content plaatst.

Tip 8 - Een oude blog opnieuw publiceren

Last but not least: recycle! Heb je ergens nog oude blogs online staan, die qua inhoud de tand des tijds hebben doorstaan? Publiceer ze opnieuw, al dan niet met een paar aanpassingen. Houd er wel rekening mee dat Google niet van duplicate content houdt. Wat dat is en hoe je dat kunt oplossen, lees je in dit artikel dat ik schreef over duplicate content.

Deel je content van anderen? Denk dan wel aan:

Transparantie: laat zien van wie je de inspiratie hebt, doe niet net alsof je het zelf gemaakt, bedacht of geschreven hebt.

Credits: ere wie ere toekomt. Wanneer je content cureert (dus content gebruikt die door anderen gemaakt is) plaats er dan altijd een link bij naar de originele content.

Rechten: pas op met foto’s van internet, gebruik liever foto’s die je zelf maakt (unieker is er niet!). Als je toch een goede stockfoto zoekt (bijv. via istockphoto.com) betaal er dan gewoon voor. Of gebruik foto’s van rechtenvrije sites als pixabay.com, stocksnap.io of deathtothestockphoto.com.

Inspiratie genoeg? Aan de slag!

Vier tips om eindelijk in beweging te komen en je doelen te bereiken

Vier tips om eindelijk in beweging te komen en je doelen te bereiken

Vier tips om eindelijk in beweging te komen en je doelen te bereiken

Voor een paar euro pakte ik bij de kassa een boekje mee van Ben Tiggelaar. ‘Mooi werk’ heet het. Leuk aardigheidje, voor mijn man. Zoals ik altijd doe met de boeken die ik voor mijn man koop: ik lees ze eerst zelf.

Ben verkent in het boekje onze relatie met werk – wat maakt werken plezierig, goed en zinvol? Een vraag die ik mezelf regelmatig stel. Wat maakt werken nou leuk? Wat is er leuk aan blogjes schrijven? Hoe kan ik mezelf motiveren om productiever te worden, meer te schrijven en er plezier in te hebben?

In het hoofdstuk Werkgenot behandelt Ben de nucleus accumbens: het ‘genotscentrum’ in onze hersenen dat verantwoordelijk is voor positieve belevingen, zoals verlangen, passie, motivatie en bevrediging. Ik heb me eens even verdiept in die nucleus accumbens. Zonder scalpels en schedelboren, hoor. Gewoon gegoogeld. Dit hersengebied speelt een rol bij onder andere verliefd worden en verslavingsgedrag. Maar ook bij seksualiteit, computerspelletjes en emoties die door het luisteren naar muziek worden opgewekt.

De nucleus accumbens reageert op de belonende effecten van gedrag. Helaas vooral op plezierige kortetermijnactiviteiten. De ‘snelle kick’. Een stuk chocola, een halfuurtje Netflixen, om de vijf minuten Facebook en je mail checken, nog even snoozen als de wekker gaat… achteraf heb je spijt van de extra calorieën en de verloren tijd. Maar ja, je nucleus accumbens hè. Die heeft niets met planning, doelen en grote dromen.

 

Hoe vecht je tegen de dwingende werking van je brein?

 

Bewustwording is de eerste stap. Je weet nu dat er een hersengebiedje is dat altijd op zoek is naar de kick. Je weet dat die nucleus accumbens niet je beste vriend is. Gebruik die wetenschap om er minder vaak in te trappen. Het is gedrag en gedrag kun je kiezen, hoe moeilijk dat soms dus ook is.

 

Ik geef je een paar tips om die nucleus accumbens te temmen.

 

Om productiever te worden, dromen te verwezenlijken en doelen te bereiken.

 

Tip 1 – Werk niet meer reactief, kies je contactmomenten bewust

 

Open op vaste tijden je mail en alleen als je ook de tijd hebt om de mails te behandelen (beantwoorden, actie inplannen of archiveren). Doe dat ook met social media. Tip: wijzig de instellingen op je telefoon voor social media en mail van push naar pull. Dat leidt tot minder piepjes waardoor je niet meer zo vaak naar je telefoon grijpt (reactief). Jij bepaalt wanneer er wat gedaan wordt, niet je telefoon.

Wat ook goed werkt is om de meldingen (de rode bolletjes) uit te zetten bij je apps en de meest verleidelijke apps niet op het eerste scherm van je telefoon te zetten. Verstop ze in mapjes.

 

Tip 2 – Maak je langetermijndoelen zichtbaar

 

Maak een lijst van je doelen over vijf of tien jaar. Of plak een moodboard bij elkaar, vol plaatjes van jouw doelen. Maak jezelf goed duidelijk waar je het allemaal voor doet en herinner jezelf er regelmatig aan.

 

Tip 3 – Droom groot, maar neem kleine stapjes richting je doel

 

Wil niet te veel tegelijk. Hak de stappen naar je doel op in kleine stapjes zodat je snel weer een stap kunt afstrepen. Check, check! Dat geeft een kick, nietwaar?

 

Tip 4 – Vier je successen, hoe klein ook

 

Weer een stapje gezet? Ontpop de kurken, koop die nieuwe broek, eet de taart. Beloon jezelf regelmatig, dat werkt bevredigend en motiverend.

Zou dit de blauwdruk zijn voor succes? Je tijd bewaken, groot dromen, kleine stapjes en veel champagne? Klinkt goed! Als we die blauwdruk voor succes over het bloggen heen leggen:

 

1. Schrijf liever vaak en kort dan sporadisch en lang.
2. Schrijf korte(re) blogs, over één afgebakend onderwerp.
3. Schets voor jezelf geen hoge verwachtingen rond aantallen lezers, reacties en likes.
4. Het publiceren is je doel (vier het!). De rest komt later wel.

 

Kun jij iets met deze tips, binnen jouw bedrijf? Wat werkt voor jou? Deel je tips hieronder, mijn nucleus accumbens is er dol op!